Recensie van Tim Donkers

Want o. Dit is mooi. Land van weemoed. Ali Şerik. Ja mooi. Het is een boeklang poëem nee het is een hybride roman nee het is schierbeekiaans proza. Het is in het oosten van Turkije. Een eeuw, de vorige, is nog niet ten einde. Een dorp, ergens in de bergen. “Hier in dit godverlaten landschap / houden de bergen waarachtig niet van mensen”, zo luidt de openingszin en die is er meteen op. Şerik maakt het dorpsleven in deze onherbergzame streken voelbaar middels Yusufkadir en zijn vrienden Mehmet, Kemal en Ahmet en hun familieleden, verwanten en dorpsgenoten (kleurrijk is bijvoorbeeld de dorpsgek Halil Amca – die later nog tot heilige wordt uitgeroepen). Het leven in het dorp is eenvoudig – meer dan het hoognodige is er niet. Şerik neemt de tijd om alles zo zorgvuldig mogelijk te schetsen in een taal die soms de vorm aan lijkt te nemen van gezangen:

“De zigeunervrouwen kunnen uit handpalmen de volmaakte toekomst / voorspellen voor twee eieren. / Zij kunnen in handpalmen vooruitblikken of je man je trouw blijft / voor twee eieren. / Zij kunnen in handpalmen je zorgen herkennen / voor twee eieren. / Zij kunnen het boze oog uitdrijven / voor twee eieren.”

en:

“Hier droogt men groente en fruit, de winter is lang.
Hier droogt men verhalen, de winter is lang.
Hier droogt men idealen, de winter is lang.
Hier droogt men vlees, tarhana, de winter is lang.
Hier droogt men loyaliteit en achterdocht
de winter is lang.
Hier droogt men hartzeer, huidhonger
de winter is lang.”

en:

“Hij heeft een transistorradio gekocht / waar hij stilletjes van droomde. / Een radio die je verbindt met de wonderbaarlijke stad / een radio die je verbindt met de uiteinden / van de provincie, een radio die je verbindt / met het fabelachtige gehele land / een radio die je verbindt / met de grenzeloze planeet. / De onmetelijke wereld wil Yusufkadir zien. / Hij heeft veel gehoord over de continenten / in Australië hebben ze kangoeroes / ze lopen op hun achterpoten / springend bewegen ze zich voort / hebben een buidel waarin hun nakomelingen opgroeien. / Raar, denkt Yusufkadir / dat God zulke dieren schept. / Je hebt in de oceaan de blauwe vinvis zo groot als drie huizen / zachtaardige dieren zijn het. / Raar, denkt Yusufkadir / dat God zulke dieren schept. / Je hebt in Afrika de witte neushoorn zo sterk als honderd man / ze worden bejaagd vanwege hun wonderen verrichtende horens. / Raar, denkt Yusufkadir / dat God zulke dieren schept. / Je hebt pinguïns die niet kunnen vliegen en leven op het ijs / leven in een wereld waarin de mens / het niet volhoudt door de kou. / Raar, denkt Yusufkadir / dat God zulke dieren schept. / Hij wil ze zien, wil naar al deze landen / maar eerst wil hij hun geluiden horen op de radio.”

Ja dit is mooi. Dit is heel mooi. Dit is poëties, melodies, ritmies, dit is beeldend, dit spreekt nee jankt nee zingt – Şerik bespeelt de taal als een viool. Onder zijn klanken ontstaat een beeld van een plek en een tijd waar het leven trager was, gericht op onmiddellijke noden – er is gemeenschapszin, er is eten, er is diepe liefde. Maar ook uithuwelijken, schande, eer, wraak, agressie, geweld, onvrijheid, bekrompenheid. Dat is er ook en Şerik poetst het niet weg.

Voor wie alles wil lezen ga naar: https://www.allesoverboekenenschrijvers.nl/ali-serik-land-van-weemoed/

Alleen in mijn gedichten kan ik wonen

De dichtgroep De Alpejagers brengt “Alleen in mijn gedichten kan ik wonen: een ode aan Jan Jacob Slauerhoff.
Het gezelschap De Alpejagers bestaat uit de dichters Nanny Luijsterburg, Mia Wittop Koning, Gerard Beentjes, Jaap Lemereis en Ali Şerik.
Ook brengen De Alpejagers eigen gedichten, geïnspireerd door Slauerhoff.

BOEM PAUKESLAG door ‘de Alpejagers’

De dichtgroep De Alpejagers brengt met hun programma BOEM PAUKESLAG een ode aan de Vlaamse dichter Paul van Ostaijen, de Dada-ist in de Nederlandstalige literatuur. Zij hebben in veertien eerdere voorstellingen het publiek weten te boeien door de op papier grafisch aparte gedichten van Paul van Ostaijen uit te voeren in een klankspel van menselijke stemmen.

Het gezelschap ‘De Alpejagers’ bestaat uit de dichters Nanny Luijsterburg, Mia Wittop Koning, Gerard Beentjes, Jaap Lemereis en Ali Serik. Veel mensen kennen Boem Paukeslag en de Singer Slinger Naaimasjien nog uit hun schooltijd, maar ‘De Alpejagers’ laten de gedichten op een volstrekt eigen wijze horen. Ook brengen ‘De Alpejagers’ eigen gedichten, waarbij zij zich hebben laten inspireren door hun Vlaamse voorbeeld. 
Eerder waren zij al te zien in Eemnes, Amersfoort, Zeist, Alkmaar, Hilversum en Utrecht.



Kortgeleden verscheen van Ali Serik het epos Land van Weemoed. Het boek verhaalt in één groot gedicht de geschiedenis van een vergeten generatie, de eerste generatie gastarbeiders uit Turkije. Na afloop van de voorstelling kunnen toeschouwers zijn boek kopen en door de dichter laten signeren.

Deze voorstelling wordt in samenwerking met Literair Zeist georganiseerd vanwege de Week van de Poëzie

Datum: zondagmiddag 29 januari 2023
Aanvang: 14.30 uur
Locatie: Boekhandel Kramer & Van Doorn, Slotlaan 221 te Zeist
Toegang: gratis, graag vooraf aanmelden: info@kramerenvandoorn.nl 

Bundel Poëzieclub Eindhoven 2022

wachten tot de kinderen

alle camera’s zijn gericht op deze oorlog
de microfoons luisteren mee in schuilkelders
de sirene hangt boven de stad als de kooi van de dood
de fotograaf legt de weerspiegeling in een traan vast

niemand weet wanneer het oude leven terugkeert
vogels alleen opvliegen door katten en wandelaars
kinderen in de nacht wakker worden
in het warme bed van moeders kruipen
het lichaam wonden telt die iedereen
nu eenmaal kan oplopen in vredestijd

hoe snel zijn wij het voorgaande vergeten
hoe de wegen stoppen bij gebombardeerde bruggen
scharnieren erbij hangen zonder deuren en ramen
wanhoop als een vlag wappert bij het kaarslicht
tijdens mager avondeten

er komt een tijd dat ook deze oorlog zal eindigen
vriend en vijand aan tafel gaan zitten
samen koffie drinken en over verjaardagen praten
het heeft geen zin om deze oorlog
op het kussen te leggen en uit te kleden
waarin wij berusten is wachten
tot de kinderen onze plaats innemen
niets meer weten van de huidige pijn

In de bundel zijn ook gedichten te lezen van:

Willem Adelaar (Eindhoven)
Annette Akkerman (Maarssen)
Ingo Audenaerd (Valkenswaard)
Treesje Bannenberg (Amsterdam)
Cathrien Berghout (Burgh-Haamstede)
Paul Bezembinder (Eindhoven)
Rik van Boeckel (Den Haag)
Frans August Brocatus (Chaam)
Hervé Claeys (Kruisem-Nokere)
Julius Dreyfsandt Zu Schlamm (Nijnsel)
Els Driessen (Venlo)
André Van Eynthoeve (Eindhoven)
Petra Fenijn (Purmerend)
Mattie Goedegebuur (Bunschoten-Spakenburg)
Elbert Gonggrijp (Egmond aan den Hoef)
Els de Groen (Ugchelen)
Annek Groot (Heerhugowaard)
Joop Hagen (Almere)
Helma van Hameren (Eindhoven)
Luuk den Hartog (Nuenen)
Jolies Heij (Utrecht)
Tine Hertmans (Destelbergen)
Jeanine Hoedemakers (Eindhoven)
Vera van der Horst (Eindhoven)
Opa IJsbeer (Amsterdam)
Stanislaus Jaworski (Leuven)
Bob Kalkman (Nijmegen)
Ans van Kessel (Stevensbeek)
Helma Ketelaar (Hilversum)
Rob Komen (Alkmaar)
Harrie de Koning (Handel)
Marino van Liempt (Rosmalen)
Walther Ligtvoet (Oosterhout)
Rob Lupgens (Boxmeer)
Sacha Maas (Eindhoven)
Hans F. Marijnissen (Eindhoven)
Mark Meekers (Heverelee)
Rob Mientjes (Helmond)
Marlies Muijzers (Eindhoven)
Yvonne Mulder (Son en Breugel)
Mirjam Musch (Maarn)
Pit van Nes (Eindhoven)
Nooit Nooit (Berchem)
Sabine van den Oetelaar (Best)
Edith van Oosterwijk (Eindhoven)
Joke van Overbruggen (Nuenen)
Fred Papenhove (Den Haag)
Gerard Scharn (‘s-Hertogenbosch)
Veerle Schiltz (Edegem)
Ali Serik (Amersfoort)
Sanja Simunic (Zeist)
Remco Sligting (Amsterdam)
Jacques Smeets (Elsloo)
Peer Smits (Veldhoven)
Renate Spierdijk (Heerhugowaard)
Wendy Sprangers (Hillegem)
Marion Spronk (Assen)
Jana Svetlik (Helmond)
Robert Tau (Amsterdam)
Anja Tekelenburg (Houten)
Roel Timmers (Oirschot)
Max Violier (Valkenswaard)
Nelligje Wagter (Eindhoven)
Loes Westgeest (Berkel-Enschot)
Mientje Wever (Boxtel)
Irene Wijnia (Veldhoven)
Hoss Wilstra (Den Haag)
Eddy Wullink (Ten Boer)