Poëzie
In deze bundel hoor je niet alleen
de hartslagen van een mus, je hoort de hartslagen van verdriet, eenzaamheid, liefde, verlangen en de tranen van mensen die in hun eigen spiegel kijken. De gedichten in deze bundel zijn verfrissend, origineel, wonderbaarlijk en hebben verrassende invalshoeken. Ali Şerik schrijft over de dagelijkse dingen die hem raken en meeslepen naar waar pijn en hartstocht elkaar omarmen. De lezer van Hartslagen van de mus staat ineens in Aleppo, vervolgens plotseling tegenover een nomade ergens in de steppen, dan weer staat hij in zijn eigen tuin. Hij bezoekt met de dichter de bronnen, waar mensen iets achterlieten of vernielden.

De bundel opent met het voorwoord van Hanneke Verbeek
VOORWOORD
Pieta
met de zwaarte die
alleen een dood lichaam kent
ligt het leed in zijn schoot
met zijn vingers trekt hij
behoedzaam de doornen uit met zijn tong likt hij
geronnen bloed weg
zijn lippen smaken naar
doodszweet en roest
hij doopt de pen in zijn speeksel
schrijft uit aller naam rouwkaarten
aan onbekenden
Hanneke Verbeek



